De IBOR transitie – Wat gaat er veranderen?

Wereldwijd is er sprake van een transitie van de Interbank Offered Rates (IBORs). Dit is de rente waartegen banken van elkaar geld lenen. IBORs worden gebruikt als rentebenchmark. Een rentebenchmark is een basisrente voor financiële producten, zoals een hypothecaire lening, rood staan, vreemde valuta en derivaten. Op basis van een rentebenchmark berekent de bank de verschuldigde rente. Rentebenchmarks worden ook wel basisrentes, rentevoet of referentierentes genoemd.

Een rentebenchmark biedt een onafhankelijke maatstaf voor de waardering en berekening van financiële producten. Dit is van belang voor prijstransparantie. Er zijn verschillende rentebenchmarks, waarvan de European Interbank Offered Rate (EURIBOR), de London Interbank Offered Rate (LIBOR) en de EURO Overnight Index Average (EONIA) de drie meest gebruikte zijn.

Van IBORs naar RFRs

Europese wetgeving en internationale marktontwikkelingen zorgen voor een overgang van de Interbank Offered Rates (IBORs) naar de zogeheten Risk-Free Rates (RFRs). Deze (bijna) risicovrije rentevoeten worden berekend op basis van marktransacties.

Deze transitie is nodig omdat rentebenchmarks ten alle tijden betrouwbaar moeten zijn. De huidige rentebenchmarks zijn gebaseerd op inschattingen en niet op daadwerkelijke transacties. Om die reden is de vaststelling van deze rentebenchmarks gevoelig voor manipulatie. En geven financiële toezichthouders al sinds 2014 aan bezorgd te zijn over de houdbaarheid van de IBORs.

Leningen tussen banken onderling stellen de tarieven van de rentebenchmarks vast. Het volume van deze interbancaire leningen is sterk afgenomen, waardoor er geen goede en objectieve waarde schatting gemaakt zou kunnen worden. Voor betrouwbare rentebenchmarks zijn er wereldwijd hervormingen nodig. Zo worden bestaande rekenmethodes aangepast of wordt een rentebenchmark vervangen door een andere – of nieuwe – rentebenchmark.

Wanneer moet het rond zijn?

De transitieperiode verschilt per benchmark, jurisdictie en producttype. Nederland valt onder de Europese Benchmarkverordening (BMR) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) ziet toe op de naleving hiervan. De BMR is 1 januari 2018 ingegaan en loopt eind 2021 af. Inmiddels is de EURIBOR hervormd en de verwachting is dat de EURIBOR de komende jaren gebruikt kan blijven worden.

Lange tijd is de LIBOR de meeste belangrijke rentebenchmark geweest. Eind 2021 stopt de LIBOR. Vanaf dat moment kunnen banken niet meer afhankelijk zijn van deze rentebenchmark en zullen zij gebruik moeten maken van alternatieve rentebenchmarks.

Gevolgen voor producten en diensten

Of de IBOR transitie gevolgen heeft voor de klant ligt aan het feit of de afgesloten producten wel of niet gekoppeld zijn aan een Interbank Offered Rate (IBOR). In het financiële contract staat waar de rente op is gebaseerd. Bijvoorbeeld op de EURIBOR, EONIA of LIBOR plus een opslag. In dat geval zal het contract aangepast en omgezet moeten worden. Producten met een vaste of variabele rente die niet op een IBOR is gebaseerd, hoeven niet veranderd te worden. In de toekomst moeten alle rentes, zoals de hypotheekrente en spaarrente, voldoen aan de EU-BMR eisen.

Plaats een reactie