Ontmoediging contant geld gaat door

De tarieven voor het storten en opnemen van contant geld zijn de laatste tijd flink omhoog gegaan. En deze trend zet zich door. Onlangs stelde Rabobank haar zakelijke klanten op de hoogte van een nieuwe tariefwijziging. Per 1 oktober 2021 betalen zij een bedrag van €5 per biljet voor het storten van €200 en €500 biljetten.

De grootste banken in Nederland – ABN Amro, Rabobank en ING – rekenen kosten voor het storten van contant geld. Maar ook voor het pinnen van contant geld wordt door de bank steeds vaker kosten in rekening gebracht. Ondanks dat het gebruik van contant geld afneemt, blijft de vrees dat contant geld permanent verdwijnt. Zeker nu Rabobank een volgende stap zet in het ontmoedigen van cashgeld.

Wat houdt de tariefwijziging in?

Vanaf 1 oktober 2021 rekent Rabobank €5 per biljet aan haar zakelijke klanten die biljetten van €200 en €500 storten. Het gaat hierbij niet alleen om het afstorten van sealbags, maar ook om het storten van contant geld via een stortingsautomaat. Nu betalen zakelijke klanten nog 5 of 6 cent per biljet. Het gaat hierbij dus om een verhonderdvoudiging! De tariefwijziging geldt niet voor kleinere coupures.

De kosten voor zakelijke klanten kunnen door deze tariefwijziging behoorlijk hoog oplopen. Stel, een ondernemer stort €10.000 aan cashgeld in biljetten van €200. Dit zijn 50 biljetten van €200. De totale kosten komen daarmee op €250.

Waarom doet de Rabobank dit?

Rabobank onderbouwt deze tariefwijziging met het argument dat aan grote sommen contant geld en met name aan grote coupures (= biljetten van €200 en €500) grote risico’s zijn verbonden. Zoals witwassen en andere criminele activiteiten. Om het misbruik van contant geld door criminelen tegen te gaan en om te voorkomen dat banken bij dit soort praktijken worden betrokken, is de Rabobank wettelijk verplicht om onderzoek te doen naar het gebruik en de herkomst van de gestorte biljetten. Dit brengt volgens de Rabobank hoge kosten met zich mee; vandaar de tariefverhoging.

Rabobank vraagt ondernemers om hulp

Naast de tariefwijziging doet Rabobank een oproep aan haar klanten. Onder het mom van “we doen dit niet alleen” en “samen gaan we het misbruik van contant geld tegen”, roepen zij ondernemers op om grote bedragen en/of grote coupures zoveel mogelijk digitaal te ontvangen en hun klanten zo veel mogelijk met pin te laten betalen.

Het gebruik van contant geld neemt af. Toch is dit niet de reden om aan te nemen dat alle betalingen zomaar digitaal gedaan kunnen worden. Sommige ondernemers zijn afhankelijk van contant geld of kunnen simpelweg geen pin-mogelijkheid aanbieden. Om die reden zijn verschillende instanties, waaronder de Consumentenbond en De Nederlandsche Bank, niet te spreken over de verdere ontmoediging van contant geld.

Wat zijn de verwachtingen?

De ontmoediging van contant geld is namelijk al een tijdje bezig. Onlangs kwam ABN Amro nog in opspraak toen de bank kenbaar maakte kosten in rekening te brengen voor het opnemen van contant geld. Ook Rabobank rekent vanaf 1 september 2021 kosten voor het pinnen van contant geld bij een andere bank. Banken verhogen de tarieven omdat zij de kosten voor het betalingsverkeer willen doorberekenen aan haar klanten. Volgens De Nederlandsche Bank (DNB) is dit begrijpelijk. Maar dit zou het bereik en gebruik van contant geld niet mogen bemoeilijken.

DNB stelde daarom voor om voor de komende vijf jaar afspraken te maken met de Nederlandse banken omtrent contant geld. Echter, de tariefwijziging van Rabobank lijkt in strijd met deze afspraken. Want bankbiljetten van €200 en €500 kunnen immers ook op een eerlijke manier verkregen zijn en gebruikt worden, toch?

Plaats een reactie